zoek in archief    

Erik de Vlieger

Print dit bericht Email dit bericht naar een vriend(in)

Mien waar is mijn feestneus (12)

Terug in de tijd; Op een koude november avond in 1942 zat de familie Grotplastiek een spelletje mens-erger-je-niet te spelen. Papa Grotplastiek was een norse harde zakenman waarvan boze stemmen beweerden dat hij joods was. In ieder geval was hij succesvol. Maar niet bewezen kon worden dat hij zijn overvloed aan voedsel te danken had aan de zwarte handel. Hetgeen de Duitse bezetter doorgaans niet waardeerde.

Moeder Mieke, een volgzame vrouw, voedde de excentriek aandoende kinderen op als originele individuen. Marcelino, de jongen en zijn twee zusters Ormara en Samidra waren niet geliefd in de buurt omdat zij op school exceleerden in alles. Successen in oorlogstijd werden door Nederlanders niet gewaardeerd. En vanwege hun afgezonderde leefstijl en vaders rijkdom, had de buurt eigenlijk hekel aan hen, net zoveel als een hyena een luipaard niet kan pruimen. Een luipaard heeft altijd iets meer en daar kan de Hyena niet tegen.

De buurt, waar bromsnor Pardonner woonde en lid was van de toentertijd prominente NSB-beweging, fantaseerde dagelijks hoe hij de familie Grotplasiek naar de ondergang kon helpen. Heimelijk hadden meerdere buurtbewoners sympathie voor de NSB omdat zij voor de oorlog anoniem en nietsbetekenend door het leven gingen en de NSB hen een positie verstrekte om eindelijk macht over anderen te hebben. Een gevoel als een orgasme hetgeen zij sedert 1940 gelukkig weer kenden. Niets konden zij tegen de familie Grotplastiek vinden om de Duitse bezetter te attenderen op de vijand van de wijk. Irritant want er moest toch wel iets zijn met al die overvloed.

Pardonner verzon een list waar Tom Poes nooit op was gekomen. Hij had het idee om drie buurtbewoners te vinden die konden verklaren dat de familie Grotplastiek de duitse bezetter veel schade had aangedaan. Waar of niet waar? Oninteressant oordeelde Pardonner!! Daar de andere buurtbewoners bedongen dat niemand achter hun getuigenis mocht komen, maakte zij met de informatie-afdeling van de SS een deal dat zij hun bevindingen als anonieme getuigen mochten doen. Zo werd de familie Grotplastiek gedeporteerd naar andere oorden en was de ergenis van overvloed bij anderen geëlimineerd. En het mooie was, vertelde Pardonner zijn kinderen tijdens een potje seks met hen, dat niemand wist wie de verklaringen aan de sicherheidsdienst had doorgegeven. Maar misschien was het wel de waarheid, jammerde Pardonner na de oorlog, de Dam poetsend in mei 1945 met een tandenborstel.

'De getuigen zeiden het toch!' krijsde hij tegen de nieuwe rechter in 1946 die hem tot de galg veroordeelde. De SS zei toch dat het beter was dat misdaden aan het het licht kwamen? SCHULDIG schreeuwde rechter.... Grotplastiek het vonnis overpeinzend.

Pardonners actie werd tijdens latere regimes in de DDR, Argentinië, Chili, Cambodja etc als lichtend voorbeeld herhaald. Gelukkig dat dit niet meer gebeurd in de beschaafde wereld want wij hebben een rechstaat in hup Holland. Onze rechstaat wordt helemaal niet verkracht. 'Auw' zei de veldmuis die de penis van de waterbuffel in zijn anus voelde binnendringen.

Reacties op de column: erikdevlieger@nieuws.nl


 
Reacties op: Mien waar is mijn feestneus (12)
Ma 21 mei 2012 20°C File informatie 8 km
  • 2009
  • 2008
  • 2007
  • 2006
  • 2005